|
Article on other languages:
|
Albert Edwin Condon (Goodland (Indiana), 16 november 1905 – New York City, 4 augustus 1973), beter bekend als Eddie Condon was een Amerikaans jazzbanjonist, gitarist en orkestleider. Hij was een van de leidende figuren van de opkomst van de dixieland, ook speelde hij piano en zong hij af en toe. BiografieNa een tijd ukelele te hebben gespeeld stapte hij over op banjo en was rond 1921 een professioneel muzikant. Hij vestigde zich in de jaren 20 in Chicago waar hij voornamelijk verbleef en speelde samen met andere jazzmuzikanten als Bix Beiderbecke en Frank Teschemacher. In 1928 verhuisde Condon naar New York City. Hij speelde regelmatig jamsessies voor verschillende platenlabels met onder andere Louis Armstrong en Fats Waller. Zijn opnamesessies in de studio waren toentertijd ongewoon, hij speelde samen met Waller, Armstrong en Henry Red Allen en speelde een tijd met de band van Red Nichols. In de late jaren 30 speelde hij regelmatig in de jazzclub Nick's, gelegen in Manhattan. In 1938 tekende hij een contract bij platenlabel Commodore Records. Tussen 1944 en 1945 gaf Condon ook radio-uitzendingen van de New York's Town Hall. Van 1945 tot 1967 runde Condon zijn eigen jazzclub. In de jaren 50 nam hij platen op onder Columbia Records. In 1957 tourde Condon door het Groot-Brittannië samen met Wild Bill Davison, Cutty Cutshall, Gene Schroeder en George Wettling. Zijn laatste tour was in 1964, in Australië en Japan. In 1948 werd zijn autobiografie We Called It Music uitgegeven, en in 1956 Eddie Condon's Treasury of Jazz. Hij stierf op 4 augustus 1973 in New York City. Externe link
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.