Miles Davis

Article on other languages:

del.icio.us del.icio.us
Digg Digg
Furl Furl
Reddit Reddit
Rojo Rojo
Add to OnlyWire
Miles Davis
Davis (1991)
Achtergrondinformatie
Geboren 26 mei 1926, Alton (Illinois)
Overleden 28 september 1991. Santa Monica (Californië)
Geboorteland Verenigde Staten
Jaren actief 1945 - 1991
Genre(s) jazz
Instrument(en) trompet
Muziekportaal

Miles Davis (Alton (Illinois), 26 mei 1926Santa Monica (Californië), 28 september 1991) was een Amerikaans jazzcomponist, trompettist en multi-instrumentalist. Hij wordt door velen beschouwd als een van de invloedrijkste, vernieuwendste en origineelste muzikanten van de twintigste eeuw.

Miles Davis heeft, naast Louis Armstrong, Duke Ellington en John Coltrane, een grote rol gespeeld in de geschiedenis van de jazz. Weinig critici zouden hem het predicaat genie onthouden.

Hij speelde verschillende stijlen, waaronder bop, cool jazz, modale jazz en jazzrockfusion. Miles was een spil in de ontwikkeling in de laatstgenoemde drie stijlen. Als gevolg hiervan wordt Miles ook wel the Picasso of jazz genoemd.

De stijl van Miles Davis is zeer herkenbaar en origineel en oefent tot op heden een grote invloed uit op vele jazzmusici. Op een groot deel van zijn opnames gebruikte Miles een harmon mute (een type demper) waarmee hij het typische timbre creëerde wat voor de rest van zijn carrière direct geassocieerd zou blijven met Davis. Ook zijn klank en speelstijl zonder deze mute is zeer herkenbaar o.a. door de typische afbuigingen aan het begin of eind van de tonen en de ingehouden lyrische speelstijl met lange stiltes tussen de melodische frasen.

Inhoud

Biografie

Miles Davis (volledige naam: Miles Dewey Davis III) werd geboren in een relatief welgestelde zwarte familie. Zijn vader, Miles Henry Davis, was een succesvolle tandarts in East Saint Louis.

Zijn moeder was een redelijk goede pianiste die wilde dat hij viool zou leren spelen. Maar van zijn vader kreeg hij voor zijn dertiende verjaardag een trompet, waar hij zich onmiddellijk op toelegde. De familie bezat een niet onaanzienlijke ranch, waar de jonge Miles Davis leerde paardrijden.

Toen Miles Davis vijftien was, speelde hij voor publiek met bandleider Eddie Randall en studeerde hij onder trompettist Elwood Buchanan. Tegen de mode van die tijd in benadrukte Buchanan het belang van spelen zonder vibrato, en Miles Davis zou deze kenmerkend heldere toon zijn hele carrière behouden.

Miles Davis werd 65. Hij overleed aan een hartaanval op 28 september 1991 en ligt begraven op Woodlawn Cemetery in de Bronx, New York.

Eerste New Yorkse periode

In 1945, nadat hij zijn middelbare school had afgerond en een korte tijd met Charlie Parker in Billy Ecksteins band had gespeeld, verhuisde Davis naar New York, ogenschijnlijk om met een beurs voor de Juliard School of Music te studeren. In werkelijkheid verwaarloosde hij zijn opleiding en ging hij onmiddellijk op zoek naar zijn helden, zoals Charlie Parker, Thelonious Monk en Coleman Hawkins. Tevens ging hij veel op pad met een van zijn andere idolen, Dizzy Gillespie. Zij werden goede vrienden.

Over de helden van Miles Davis schreef hij samen met Quincy Troupe in zijn autobiografie 'Miles': "When I heard Diz and Bird in B's band, I said, "What? What is this!?" Man, that shit was so terrible that is was scary. I mean, Dizzy Gillespie, Charlie 'Yardbird' Parker, Buddy Anderson, Gene Amons, Lucky Thompson an Art Blakey all together in one band and not to mention B: Billy Eckstine himself. It was a motherfucker. Man, that shit was all up in my body. Music all up in my body, and that's what I wanted to hear".

Tegen 1949 had hij aan zijn 'proeftijd' als medespeler voldaan, zowel op het podium als op de plaat. Zijn eigen opnamecarrière begon op te bloeien.

In datzelfde jaar begon Davis samen te werken met Gil Evans. Deze samenwerking zou de volgende twintig jaar voor veel van zijn grote werken blijven bestaan. De platen die zij in de late jaren veertig maakten zouden de eerste tien jaar slechts beperkt gepubliceerd worden.

Heroïne

Via de jazzclubs van New York kwam Davis regelmatig in contact met zowel gebruikers als verkopers van illegale drugs. Tegen 1950 had hij, net als veel van zijn tijdgenoten, een serieuze heroïneverslaving opgelopen, mogelijk verergerd door de weinig enthousiaste ontvangst van zijn eerste persoonlijke opnames.

In het eerste deel van de jaren vijftig leek het talent dat Davis bezat verloren te gaan. Hij speelde veel sessies (gigs), maar deze waren ongeïnspireerd. Davis was zich hiervan bewust en in 1954 keerde hij terug naar East Saint Louis, waar hij met hulp van zijn vader probeerde af te kicken. Echter, die dacht onterecht dat het met zijn gebit had te maken. Davis sloot zich letterlijk van de maatschappij af tot hij vrij van zijn drugsverslaving zou zijn. Hoewel hij later beweerde dat hij sindsdien geen drugs meer had gebruikt, schijnt hij in werkelijkheid verslaafd te zijn gebleven.

Terug in New York: het Miles Davis Quintet

Als herboren keerde hij terug naar New York en richtte er de eerste grote versie van het Miles Davis Quintet op. In deze band speelden de jonge John Coltrane (oorspronkelijk enkel tenor- en later ook sopraansaxofoon) en soms enkele andere bekende jazzartiesten zoals Sonny Rollins (tenorsax) en Charles Mingus (bas).

Muzikaal ging de groep door waar Davis in zijn sessies in de late jaren veertig was opgehouden. Ze vermeden de ritmische en harmonische complexiteit van de overheersende bebop en Davis kreeg de ruimte om lange, legato en in wezen melodische lijnen te spelen, waarin hij de modale muziek kon leren doorgronden. Dit was namelijk al een levenslange obsessie voor hem.

Deze opnames, beginnend met Relaxin' with the Miles Davis Quintet, zouden samen met de 'Birth of the Cool'-opnames uit 1948 het geluid bepalen van de cool jazz, een van de dominante trends in de muziek voor het komende decennium en later.

Miles Ahead en Milestones

Terwijl de rest van het muziekestablishment nog steeds probeerde de vernieuwingen van Davis te accepteren, was hij zelf alweer verder. Herenigd met Gil Evans nam hij een serie albums van grote verscheidenheid en complexiteit op, waarin hij in vrijwel elke muzikale context zijn meesterschap over zijn instrument toonde.

Op het eerste album, Miles Ahead (1957), speelde hij met een traditionele jazzbigband. Deze bigband had een gedreven kopersectie die fraai was gearrangeerd door Gil Evans. Naast jazznummers (waaronder The Duke van Dave Brubeck) gingen de twee ook het gevecht aan met Les Filles de Cadix van Léo Delibes. Dit was de eerste keer dat Davis Europese klassieke muziek opnam.

Milestones 1958 wist het geluid te vangen van zijn huidige sextet, dat nu bestond uit Miles Davis, John Coltrane, Julian "Cannonball" Adderley (altsax), Red Garland (piano), Paul Chambers (bas) en Philly Joe Jones (drums).

Muzikaal gezien omvatte dit album zowel het verleden als de toekomst van de jazz. Miles Davis liet zien dat hij blues en bebop kon spelen (vakkundig door Garland begeleid), maar het centerpiece is het titelnummer, een compositie van Davis rond de dorische en aeolische modi, en met de vrije improvisionele modale stijl die Davis zich eigen zou maken.

Kind of Blue

Deze modale stijl kwam volledig tot bloei op Kind of Blue (1959) en werd een groot commercieel succes. Het sextet improviseerde op korte modale thema’s die vooraf nog niet waren geoefend. Het zou de best verkochte jazzplaat uit de geschiedenis tot dan toe worden en een artistiek meesterwerk. In de groep nam Bill Evans de piano over en hij zou voor klassieke invloeden in de groep zorgen. Op een track speelde Wynton Kelly, die later vast onderdeel van de groep zou werd, piano.

De jaren 60

Na Kind of Blue viel de groep snel uiteen. Coltrane, Evans en Adderley gingen verder als bandleiders. Miles vond minder inspiratie en zijn groep zou vaak van bezetting veranderen. In 1964 zou hij zijn tweede grote kwintet vormen. Herbie Hancock op piano, Wayne Shorter op saxofoon, Ron Carter op bas en de nog erg jonge Tony Williams op drums. Miles Davis stelde: "Je moet eerst de regels kennen om ze vervolgens te kunnen breken." Live werden jazzstandards gespeeld waarbij de grenzen van de traditie werden opgezocht. Lange improvisaties met veel nadruk op harmonische grenzen en een hecht groepsspel waardoor hij meer dan ervoor met textuur kon spelen. Live speelde hij standards en in de studio veel nieuw werk (vooral composities van zijn saxofonist Wayne Shorter). De grenzen werden bereikt op Live at Plugged Nickel (uitgegeven als 8cd box). Het vormde een tegenstem voor de freejazz van Ornette Coleman (die Davis in zijn autobiografie verguisde).

Rock'n'Roll 1970

In juni 1970 kwamen onder anderen Miles Davis, Chick Corea, Keith Jarrett, Dave Holland, Jack DeJohnette en John McLaughlin vier nachten samen in de kleine nachtclub The Cellar Door in Washington D.C. Van die optredens is in 2006 een 6-cd-box verschenen.

Electric Miles

Zoals altijd stond Miles niet te lang stil. Aan het eind van de jaren zestig ging Miles elektrisch met een elektrische piano, elektrische bas en een elektrische gitaar. De groove werd belangrijk. Er stond een samenwerking met Jimi Hendrix op de agenda die echter nooit plaats zou vinden. Miles Davis ging zijn trompet vervormen met effecten. Een andere invloed was die van Stockhausen. Miles speelde voor een ander publiek, blanke hippies. Hij stond op Isle of Wight en in het voorprogramma van de Grateful Dead. Volgens Rolling Stone magazine was "In a Silent Way de ideale plaat om stoned op te worden". In de jaren zeventig probeerde hij ook zwarte jongeren te bereiken door funk invloeden in zijn muziek te stoppen. Bitches Brew werd een mijlpaal voor de opkomende jazz-fusion muziek.

Stilte

Eind 1975 besloot Miles zich terug te trekken uit de muziek en geen trompet meer te spelen. Hij kampte met een slechte gezondheid, gedeeltelijk veroorzaakt door vele jaren overmatig drugsgebruik.

Jaren 80

Een verrassing: Miles kwam weer terug in de muziek. Zijn stijl veranderde meer naar een popstijl. Hij speelde liedjes als Time After Time en Human Nature (van Michael Jackson). Veel van de musici waar hij mee speelde zouden één voor één vertrekken naar Sting (die op You're under arrest een politieman speelde). Deze stijl zou hij tot zijn dood blijven spelen. Hij begon ook als beeldend kunstenaar bekendheid te verwerven. Eén van zijn vaste muzikale partners werd Marcus Miller.

Hij ondernam nog een paar bijzondere projecten:

  • Met Quincy Jones zou hij voor het eerst terugkeren naar de muziek die hij vroeger speelde met Gil Evans.
  • Een ander opmerkelijk project was Aura, dat de platenmaatschappij jarenlang "op de plank" heeft laten liggen.
  • Tevens speelde hij op uitnodiging van Prince een concert in diens studiocomplex Paisley Park in Minneapolis.
Monument van Miles Davis in Kielce (Polen)

Vereeuwiging

De bekende Franse beeldhouwster Niki de Saint Phalle heeft Miles Davis vereeuwigd in een beeld, dat de tuin siert van het beroemde belle époque-hotel Negresco aan de Promenade des Anglais in Nice.

Tevens staat er een beeld van hem in de Poolse plaats Kielce (zie foto).

Discografie



Hitlijsten

Albums

Albums met hitnoteringen in de Nederlandse Album Top 20/50/100
Titel Datum van
release
Datum van
binnenkomst
 Hoogste 
positie
 Aantal 
weken
 Opmerkingen 
You're under arrest 1985 08-06-1985 27 15
Tutu 1986 18-10-1986 30 9
Amandla 1989 03-06-1989 36 8
Doo bop 1992 25-07-1992 58 6
Live at Montreux 1993 28-08-1993 56 5 met Quincy Jones / Live album
The best of Miles Davis 1999 25-12-1999 80 3 Verzamelalbum
Sunday morning classics 2008 19-07-2008 31 5
Albums met hitnoteringen in de Vlaamse Ultratop 50
Titel Datum van
release
Datum van
binnenkomst
 Hoogste 
positie
 Aantal 
weken
 Opmerkingen 
Kind of blue 25-01-2003 21 4

Literatuur

  • Miles : de autobiografie / Miles Davis en Quincy Troupe ; [vert. uit het Engels door Irene Eichholtz], 1989 (ISBN 9060128400)
  • Miles Davis - Ian Carr. The definitive, exhaustively researched biography (ISBN 0-00-653026-5)
  • [1] Overzicht van meerdere boeken.
  • [2] Miles Beyond: the Electric Exploration of Miles Davis, 1967-1991 - Paul Tingen. Diepgaande beschrijving van de elektrische periode. (ISBN 0-8230-8360-8)

Zie ook



 

This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.